HENDRIK-IDO-AMBACHT - De wethouderskamer van Ralph Lafleur biedt een prachtig uitzicht op het Baxpark. Dat park dat zich achter het glas uitstrekt, in volle bloei, met hoge bomen en volle kruinen. Het is een groen decor dat bijna symbolisch aanvoelt voor een gesprek over groei, verandering en loslaten. Lafleur zit ontspannen in zijn stoel, maar zijn blik verraadt dat dit geen gewone werkdag is. De portefeuilleoverdracht is bijna voltooid; de opvolger staat klaar. Vandaag gaat het over terugkijken en over het moment waarop een deur straks definitief dichtvalt: geen wethouder meer, maar gewoon burger…
Met trots terugkijkend
Wanneer de eerste vraag valt – ‘Hoe kijkt u terug op acht jaar wethouderschap, nu deze periode ten einde komt?’ – leunt hij iets naar voren. “Trots, maar ook wel fijn dat ik het nu achter me kan laten,” zegt hij. “Het vak van wethouder is mij zwaar gevallen. Acht jaar lang zat mijn hoofd vol. Vooral in de tweede termijn hield het denkproces maar niet op.” Hij vertelt hoe zijn vrouw soms zei: “Je bent er wel, maar je bent er niet.”
Het besluit om te stoppen nam hij al maanden voor de verkiezingen. Niet uit teleurstelling, maar uit nuchter pragmatisme: “Ik word 64. Mensen schatten me jonger, maar ik merk het gewoon.” Het is een zin die blijft hangen. Niet omdat hij dramatisch is, maar omdat hij eerlijk is. Lafleur is geen man van politieke theaterstukken. Hij is een man van feiten, van argumenten, van nuchtere afwegingen. En dat is precies wat dit gesprek typeert.
Pragmaticus en denker
Hij zegt het zonder omhaal: “Ik ben vooral een pragmaticus. Meer een pragmaticus dan een politicus.” Het klinkt bijna als een bekentenis, maar het is eerder een zelfportret. Zijn keuzes waren nooit gericht op maximalisatie van stemmen. “Feiten en argumenten doen het bij mij. Ik heb nooit keuzes gemaakt om stemmen te winnen.”
Binnen het coalitieprogramma werkte hij altijd zorgvuldig, soms schurend, soms zoekend naar ruimte. “Maar uiteindelijk moet je het samen doen.” De afgelopen acht jaar waren intens, soms zwaar, maar altijd gedragen door een duidelijke overtuiging: politiek moet gaan over wat klopt, niet over wat scoort.
Zijn plek op de kieslijst van Gemeente Belangen was bewust gekozen. “Als je op één of twee staat, suggereer je dat je beschikbaar bent. Dat vind ik kiezersbedrog.” Als lijstduwer kon hij betrokken blijven zonder verwachtingen te wekken. “Ik stond geloof ik op plek vijftien. Dan zouden ze vijftien zetels moeten halen en dat gaat niet lukken.” Hij lacht erbij, maar de ondertoon is helder: hij wilde niet terugkeren, en hij wilde daar eerlijk over zijn.

Ambacht ingeruild voor Rotterdam
Acht jaar geleden verruilde Lafleur een stevige functie bij de gemeente Rotterdam voor het wethouderschap in Ambacht. Niet uit ambitie, maar uit overtuiging én een beetje toeval.
“Het was echt niet mijn ambitie om wethouder te worden,” zegt hij. Hij stond op plek vier op de lijst van Gemeente Belangen, een verkiesbare plek. Hij kwam in de raad, deed de onderhandelingen namens de partij en maakte indruk. De coalitie wilde geen wethouder van buiten; Ambacht heeft immers tradities en wilde die kost wat het kost vasthouden. “Ze deden daarom een moreel appel op mij,” zegt hij. “Vanuit mijn ervaring in Rotterdam.”
Hij twijfelde. Hij sprak met Jan Heijkoop, met anderen. Hij overlegde met zijn vrouw. “Ik dacht: wat geef ik op en waar begin ik aan?” Maar hij houdt van uitdagingen. En hij kon naar zijn werk fietsen. “Dat vond ik ook wel mooi.” Lafleur schreef met zijn aanvaarding ook geschiedenis in de Ambachtse politiek: voor het eerst kreeg een lokale partij, Gemeente Belangen, een wethoudersfunctie.
Toen hij begon, bleek het wethouderschap een rollercoaster. “Iedereen keek naar mij. Ik moest ineens overal een mening over hebben.” Hij moest leren doseren, leren tijd nemen, leren dat hij niet alles meteen hoefde te beslissen. “In het begin liet ik me overhaasten, maar later zei ik: jullie horen morgen van me.” Het is een terugkerend thema in zijn verhaal: groei. Niet als groot woord, maar als stille constatering. Hij werd zelfverzekerder en leerde zijn rol kennen.
Leiderschap en debater
Hoe typeert hij zijn leiderschap? “Ik luister heel goed naar mensen, maar uiteindelijk hak ik de knoop door.” Hij ging zelden tegen adviezen in. “Als ik dat deed, had ik daar echt reden voor.” Zijn leiderschap groeide. “Ik werd zelfverzekerder. Ik leerde mijn rol kennen.”
Of hij gegroeid is in het debatteren? Hij denkt even na. “Laat anderen dat maar beoordelen.” Maar hij benadrukt dat feitenkennis altijd zijn houvast was. “Je zult mij niet snel kunnen betichten van het ontbreken van dossierkennis.”

Samenwerking in college en raad
Over de samenwerking is hij positief. Over de uitspraak dat sommige wethouders zich in het verleden als ‘onderkoning van Ambacht’ gedroegen, blijft hij diplomatiek. “Dat laat ik bij de eigenaren van deze uitspraak. Ik heb geprobeerd mijn rol bescheiden en feitelijk te vervullen.”
En hoe staat het met de zelfreflectie in de raad? Voorzichtig zegt Lafleur: “Sommigen hebben het, anderen minder, maar dat is overal zo.” Toch constateert hij op sommige dossiers – participatie, Groenbeleidsplan – een goede samenwerking tussen hem als collegelid en de raad.

Tijdens een raadsdebat
Participatie als hoogtepunt én leerproces
Dat brengt het gesprek tot zijn beleidsresultaten. Eén van zijn grootste successen is de Participatienota. “Die nam de raad unaniem aan. Dat was echt een hoogtepunt.” Voor het eerst werd een raadswerkgroep samengesteld, samen met ambtenaren en een externe adviseur. “We hebben met een behoorlijk aantal sessies toegewerkt naar een heel mooi document.”
Participatie bracht ook een hogere werkdruk voor ambtenaren met zich mee. “Maar je wint er veel mee. Als je aan de voorkant goed ophaalt wat er leeft, worden je plannen beter en heb je meer draagvlak.” Hij zag hoe de organisatie veranderde: meer naar buiten gericht, meer contact met inwoners, meer uitleg over keuzes.
Maar participatie is geen toverwoord. “Sommige inwoners zeggen: jullie luisteren niet. Luisteren betekent echter niet dat je altijd je zin krijgt.” Het is een leerproces, van twee kanten.

Afvalbeleid: één van de zwaarste dossiers
Afvalbeleid: van kritiek naar applaus
Het afvalbeleid was één van zijn zwaarste dossiers. Het recycletarief leidde tot stevige debatten. “Ik stond er soms alleen voor,” zegt hij. “De oppositie wilde het gewoon niet.” Hij noemt Realistisch Ambacht expliciet. “Soms wist ik niet precies waarom ze tegen waren. Maar dat hoort bij de politiek en het is niet mijn manier van oppositie voeren,” zegt hij. Meer wil hij er niet over kwijt.
Maar de resultaten spreken voor zich: van 287 kilo restafval per persoon naar 94 kilo. “Ik heb twee keer applaus gehad van de raad. Dat gebeurt niet vaak.” Hij benadrukt echter dat de Ambachters het deden: “Chapeau aan onze inwoners!”
De gele zakken bleven een splijtzwam. “Geen ideale oplossing, maar die is er ook niet. De -enige tijd geleden gehouden - enquête bij de bewoners liet verdeeldheid zien. Uiteindelijk koos ik voor het milieu en voor kostenbeheersing. Maar politiek ben ik erop afgerekend.” Hij zegt het zonder bitterheid: “Het is zoals het is.”

Zicht vanuit het Baxpark op het gemeentehuis, met rechts op de achtergrond de vleugel
waar Ralph Lafleur zijn werkzaamheden als wethouder verrichtte
Groen, bomen en emoties
Bomen bleken een bron van emoties. “Mensen maakten over alles meldingen via Fixi: bladeren, schaduw, zonnepanelen.” Hij bezocht inwoners vaak persoonlijk. Hij luisterde, legde uit, zocht naar ruimte. Soms kon er iets, soms niet. “Bomen doen ertoe,” zegt hij. “Ik ga ze daarom niet zomaar omhakken.”
Het bomenbeleid moest beter. “De juiste boom op de juiste plek. Veel bomen stonden verkeerd door oud beleid.” Hij woont zelf in een straat waar bomen te dicht op de tuinen staan. “Mijn vrouw zegt: je bent wethouder, kan je het oplossen? Nee, we hebben er gewoon mee te dealen.”
De gemeente kijkt tegenwoordig veel zorgvuldiger naar de juiste boom op de juiste plek, maar bestaande situaties worden niet grootschalig ‘gerepareerd’. Dat zou te veel groenverlies geven. Alleen wanneer bomen aan vervanging toe zijn of wanneer er sprake is van gevaarlijke wortelopdruk wordt ingegrepen, en slechts bij uitzondering een boom verwijderd. Dan moeten bewoners wel een Fixi‑melding doen.

Bomen die eind vorige eeuw volgens het huidige BW Boek 5 (art. 42) te dicht naast woningen geplant zijn
Wat laat hij met vertrouwen achter?
Hij laat met vertrouwen een organisatie achter die gegroeid is in kwaliteit en omvang. Acht jaar geleden was er één beleidsmedewerker duurzaamheid; nu zijn het er zes. “De uitdagingen zijn fors toegenomen.” De nieuwe wethouders stappen op een rijdende trein. Veel is in gang gezet en kan niet zomaar worden teruggedraaid. “Dat is ook vanuit betrouwbaar bestuur.”
Hij is trots op de participatieadviseur, op de nieuwe dynamiek, op de manier waarop de organisatie naar buiten kijkt. “Goede adviezen staan en vallen met goede mensen in huis.”

Participatie: niet alleen door burgers, Lafleur deed zelf ook mee bij het opruimen van afval. “Aanpakken dat afval!”
Vooruitkijken: uitdagingen
Wanneer het gesprek op de toekomst komt, wordt hij weer analytisch. De grootste uitdagingen liggen volgens hem in de warmte- en energietransitie. Die stond zes jaar geleden nog in de kinderschoenen. “Dat zijn echt complexe dossiers. De gemeente heeft beperkte invloed, maar de regio werkt goed samen. Ambacht is een belangrijke schakel in het warmtenet van de Drechtsteden.”
Hij legt het helder uit: investeringen in het warmtenet dempen de kosten van verzwaring van het elektriciteitsnet. “Het zijn twee communicerende vaten.” Hij is trots op het warmtenet dat nu mogelijk wordt voor inwoners. “Je hoeft niks, maar je mag wel.”
Lafleur laat – omdat volume nodig is – het gemeentelijk vastgoed op het warmtenet aansluiten. “Daarmee geef je HVC comfort. En uiteindelijk kunnen ook particulieren aansluiten.” Hij zou de aansluitkosten het liefst op nul zien. Maar dat vraagt landelijke keuzes. Ambacht loopt volgens hem voorop. “We doen er echt toe binnen de Drechtsteden.”

Impressie lucht-waterwarmtepomp bij Ridderhal
Zijn eigen toekomst: een mediator in wording
Hij keert niet terug in het openbaar bestuur. “Ik zet er een dikke punt achter.” Hij wil zich laten omscholen tot mediator. De soms moeilijk, emotionele, maar ook verbindende gesprekken die hij als wethouder voerde gaven hem energie. “Ik zie mezelf wel als een verbinder. Iemand die goed kan luisteren.” Hij wil de komende jaren gebruiken om dat talent verder te ontwikkelen. “Mensen praten wat minder makkelijk met elkaar. Er ontstaan sneller conflicten.” Hij wil helpen die te overbruggen.

Herfstkleuren in het Baxpark, waar oude bomen hun bladeren laten vallen. Alsof de natuur zelf een zacht eerbetoon brengt aan het vertrek van wethouder Ralph Lafleur, die na jaren als betrokken bestuurder zijn laatste seizoen heeft afgesloten.
Het slot: een deur die dichtgaat
Aan het einde van het gesprek kijkt hij naar het groene Baxpark. De bomen bewegen zacht in de wind. Het is een beeld dat past bij het moment: een periode die wordt afgerond, een deur die dichtgaat, een man die terugkijkt zonder spijt, zonder borstklopperij, maar met stille trots. “Ambachters hebben het afvalbeleid laten slagen,” zegt hij. “Zij hebben mij scherp gehouden.”

In dit avondlicht blijven herinneringen aan Lafleurs inzet voor groen en bomen zichtbaar aanwezig
Hoe hij herinnerd wil worden
Hij zegt het bijna achteloos: “Over vijf of tien jaar weet niemand meer wie wethouder Lafleur was.” Maar dat gelooft niemand. De feiten spreken voor zich: van 287 kilo restafval naar 94. Van een kwetsbare duurzaamheidsafdeling naar een stevige organisatie. Van losse projecten naar een regionale warmtestrategie. Hij wil herinnerd worden als iemand die het serieus nam, die luisterde, die keuzes maakte op basis van feiten. “Ik heb mijn rug recht gehouden.” Zijn oproep aan inwoners bij het afscheid is veelzeggend: “Wees wat vriendelijker voor elkaar.” En tenslotte, bijna achteloos maar eveneens veelzeggend: “Het werk van een wethouder is nooit af.” Maar voor hem, vandaag, gaat de wethoudersdeur dicht. Hij is wethouder af en klapt daarmee het bord werk in uitvoering in…

In juni 2018 rondde wethouder Ralph Lafleur een van zijn eerste klussen af; in juli 2026 sluit hij zijn volledige wethoudersperiode. Op de foto staat ook wethouder Robert Kreukniet, die nog een volgende raadsperiode doorgaat.
Lafleur is in het onderstaande album te zien als duurzaamheidswethouder, actief aanwezig bij kinderen die zich inzetten voor klimaat- en duurzaamheidsprojecten. Maar ook als locoburgemeester.