HENDRIK-IDO-AMBACHT - Waar het eerste artikel de geschiedenis en cultuur van De Luchtbode vertelt, zoomt dit tweede artikel in op de moderne duivensport in Ambacht. De woonkamer van de familie Verheij vormt het decor voor een gesprek over digitalisering, roofvogels, internationale hokraces, commercie en de toekomst van de vereniging.

Aan tafel bij de familie Verheij: het levende archief
De sportvereniging vergrijsde, maar de verhalen blijven. De duiven bleven vliegen én de liefhebbers bleven praten. Zo kwamen onlangs in de woonkamer van de familie Verheij drie generaties duivenliefhebbers samen: Walter, zijn vader Henk, en hun vriend Giel van de Boor. Het gesprek golft alle kanten op, de koffie staat op tafel, en de liefde voor de duivensport is voelbaar in elke zin.

Ze vertellen hoe de sport vroeger was: kleinschalig, overzichtelijk, met hokken die begonnen als eenvoudige bouwsels in de tuin. Vader Henk begon ooit met een hokje voor tien duiven. Dat groeide snel, zoals dat gaat wanneer een hobby een levenslange passie wordt.

Honk aan de Reeweg: "Nú zitten er drie mannen aan de bar en die nemen alle drie slechts één bakje koffie"..

Digitalisering: gemak en verlies
Ze vertellen ook hoe de sport nu is: groter, digitaler, sneller, maar soms ook minder sociaal. “Voor de gezelligheid naar de vereniging is zaterdag eigenlijk niet meer… je krijgt nu een melding op je telefoon.” Walter: “Inderdaad: je hoeft niet meer thuis te zijn. Je krijgt gewoon op je telefoon een melding als er een duif is.” Giel vult aan: “Vroeger op vrijdagavond bijvoorbeeld, zaten we in het lokaal. Eer dat we weg gingen, was het onderhand al licht, het morgenlicht schemerde. Maar dat was natuurlijk wel goed voor de kas. Maar nú zitten er drie mannen aan de bar en die nemen alle drie slechts één bakje koffie…..”
Waar vroeger gummiringen, klokken en handgeschreven lijsten de zaterdag vulden, gaat nu alles automatisch. Een duif loopt over een antenne en de tijd staat geregistreerd. Het gemak is groot, maar het oude ritueel – samen klokken lichten, rekenen, het stencilen – is verdwenen. De digitalisering heeft de sport efficiënter gemaakt, maar ook minder sociaal. De saamhorigheid van vroeger is dus grotendeels verdwenen.

Slechtvalk: vijandelijke vogel
Eén van de grootste uitdagingen voor moderne duivenhouders zijn roofvogels. Vooral slechtvalken richten veel schade aan. Vader Henk vertelt: “Vorig jaar heb ik er echt veel last van gehad… dat heeft echt veel goede duiven gekost.” Walter vult aan: “In februari, maart, april… dan zijn er nog geen jonge vogels in de natuur. Zo’n duif is dan een makkelijke prooi.” Jonge duiven die in januari geboren worden, kunnen volgens hem eind januari nog maar net op het dak landen. Ze zijn kwetsbaar. Soms helpt het als er kraaien of kauwen in de buurt zitten – die jagen roofvogels weg – maar het blijft vooral een “kwestie van geluk.”

Een slechtvalk, een uitdaging voor de duiven(houders) Foto: AI-genereerd

GPS‑trackers en wereldwijde races
De duivensport is allang niet meer alleen dorps. GPS‑trackers maken het mogelijk om duiven onderweg te volgen. Zo zijn de hokraces (ook wel One Loft Races genoemd) volgens Walter een bijzondere tak binnen de internationale duivensport. Voor 200 euro stuur je volgens hem een piepjonge duif — vaak nog maar vier tot vijf weken oud — naar een verre bestemming, zoals Saoedi‑Arabië, Thailand of China. Of: naar Zuid-Europa. Daar komt deze duif terecht in een enorme ‘loft’, een soort verzamelhok waar vier‑ tot vijfduizend duiven uit de hele wereld samen worden grootgebracht. In die grote loft krijgen alle duiven exact dezelfde verzorging: professioneel voer, vaste training, een dierenarts die dagelijks langskomt. Alles is erop gericht om de omstandigheden volledig gelijk te maken. Zodra de klep opengaat en duizenden duiven tegelijk de lucht in schieten, draait het om pure kwaliteit.

Volgens Walter komt dan “echt de beste duif als eerste.” Juist omdat niemand voordeel heeft van een eigen hok of eigen systeem, wordt het een eerlijke krachtmeting. De aantrekkingskracht is groot: wie wint, kan forse geldprijzen binnenhalen.

Duiven in Thailand in een ‘loft’

Regels, buren en realiteit
Regelgeving speelt een rol, maar volgens de mannen is die tegenwoordig soepeler dan vroeger. Buren kunnen wel lastiger zijn dan de gemeente. Walter vertelt: “We laten de duiven niet de hele dag rondzwerven… ze trainen en gaan weer naar binnen.” Het schoonmaken van het de hokken, het trainen van de duiven: het maakt geluid. Soms waarderen omwonenden deze geluiden niet. Maar de liefhebbers proberen rekening te houden met hun omgeving. De duivensport is een sport van dagelijkse routines: van schoonmaken, voeren, trainen, wachten op de terugkomst.

Een duivenhok: het ritme van het schoonmaken, voeren, trainen, het koeren van duiven

Vrijwilligers: de stille motor van de vereniging
Vrijwilligers zijn een uitdaging, maar dat geldt voor elke vereniging. Soms zijn er te weinig handen, soms ineens te veel. Vader Henk vertelt: “In het begin van het seizoen… dan staan er vier mensen die 500 duiven in de korf hebben. Dan kom je eigenlijk net even wat tekort.” Een week later kan het anders zijn: “Dan staan er ineens 16 man… dan is het eigenlijk weer te druk.” Het is dus zoeken naar balans. Maar de kern blijft overeind: het gaat om samen de sport dragen.

In het verleden had de PV veel vrijwilligers, leden, oud én jong

Cultuur van de duivensport: duivenmelken
Bij deze sport hoort de term “duivenmelken”. Ze heeft niets met melk te maken, maar alles met praten. Urenlang praten. Over duiven, vluchten, hokken, ringen, inrichtingen. Giel vertelt: “Vroeger gingen ze de hele dag bij elkaar op visite… een dagje duivenmelken.” Het is een wereld op zichzelf, met eigen rituelen, humor en taal.

Anekdotes: de verhalen die blijven 
Bij het duivemelken hoorde ook de anekdotes. Zo is er de anekdote van de duif die niemand verwachtte. Walter voorspelde ooit dat de duiven dezelfde avond thuis konden zijn. Iedereen verklaarde hem voor gek. Maar hij zat bij het hok én daar kwam een duif. Gevolg: “Binnen een minuut was het lokaal leeg.”

Verder is nog altijd de Derde internationaal Pau (2020). Dit is een hoogtepunt dat nog altijd glanst: derde internationaal op Pau, een vlucht van duizenden duiven uit heel Europa vanuit deze Franse plaats. Of: de vlucht naar Montauban. Walter vertelt ook hoe hij ooit een auto kon winnen. En over een vlucht van 900 kilometer van een duif, die thuiskwam en nog altijd leefde.

Bert van der Wulp vertelt met veel plezier ook nog een paar anekdotes: “Als klein ventje mocht ik vaak mee naar het duivenlokaal. Zo ook op een vrijdagavond, het was een avond van inkorven jonge duiven en de klokken afslaan. Eerder in die week waren de oude duiven al ingekorfd voor een lange reis. De eindbestemming het Franse Ruffec, steevast door de melkers uitgesproken als “ Rufex”. De duiven werden daar op vrijdag al gelost, de duiven moeten dan normaliter overnachten.

We reden die avond in het donker naar huis. Ik zat achterop de fiets van mijn vader en zag ik in de maanschemering een duif op het hok van collega vlieger Cees van der Poel. Mijn vader ging voorzichtig te werk en belde (waarschijnlijk hadden we net een telefoonaansluiting), naar Cees. Een duif werd nog niet verwacht, maar af en toe is er een ‘doorvlieger’, die slaat dan de overnachting over. Cees ging naar buiten, sloop naar het hok, waar hij al een kat, bij het hok, die werd wreed gestoord in zijn jacht. Als zeer ervaren melker wist Cees de duif binnen te krijgen en werd als eerst geklokt, want de rest werd pas de andere dag geklokt.” 
En: “Mijn vader, als ‘kleine vlieger’, won zijn mooiste prijs met een vlucht vanuit het verre Franse Dax ( wordt in het Frans ook met de “X” uitgesproken). De Duif heette de 90, duiven kregen de naam van de laatste cijfers van het ringnummer.”

De toekomst: somber en hoopvol tegelijk
De mannen zijn eerlijk: de sport verandert snel. Er komen meer grote commerciële hokken, professionele verzorgers en vooral veel geld. Voor de kleine liefhebber wordt het moeilijker. Vader Henk zegt: “De komende jaren zie ik het wel somber in.” Toch geloven ze dat De Luchtbode blijft bestaan. Walter zegt dat hij zelfs zonder wedstrijden duiven zou houden – puur voor het plezier. “Al zouden er geen vluchten zijn, zou ik nog duiven hebben.” De vereniging heeft een regionale functie. Mensen komen van buitenaf. Sommige helpen mee, andere niet. Maar de kern blijft: samen de sport dragen.

Digitalisering bij de registratie

Na vakantie: ook weer een tijd van thuiskomen
En dan is er de vakantietijd. Terwijl Ambacht uitvliegt – naar Frankrijk, Spanje, Italië, Zweden, de Veluwe – vliegen de duiven hun eigen routes. Ze vliegen uit. En ze komen terug: zonder route‑apps, zonder navigatie, zonder koffers. Dat doet u niet na!

Misschien is dat wel waarom De Luchtbode zo’n bijzondere vereniging is. In een wereld waarin alles verandert, waarin vakanties komen en gaan, waarin mensen vertrekken en terugkeren, blijft één ding hetzelfde: het instinct van de duif, namelijk thuiskomen.

Weer thuis gekomen, toch weer in de startblokken

En zolang er mensen zijn die naar de lucht kijken en hopen op dat ene stipje aan de horizon van de [vredes]duif, blijft De Luchtbode bestaan!

​
​

​
​