HENDRIK-IDO-AMBACHT - Op het eerste gezicht oogt het gesprek verrassend ontspannen. Het is nog ochtend en niets in de huiskamer verraadt de politieke storm, die oud-raadslid Bert van der Wulp (PvdA/GL) de afgelopen maanden meesleurde. Hij praat rustig, bijna bedachtzaam, alsof het om een gewone terugblik gaat. Maar naarmate het gesprek vordert, schuift die rust langzaam opzij. Dan komt het verhaal naar voren van een man, die in korte tijd zowel politiek als lichamelijk is geraakt.
Tussen de stilte van de ochtend en in een vertrouwde omgeving vertelt hij over de val van zijn fractie, de voor hem mislukte samenwerking met GroenLinks. Hij spreekt ook over de ochtend waarop zijn ICD drie keer afging en het moment waarop hij – na totaal zestien jaar inzet in de raad – werd geridderd. Het is het verhaal van een politicus die zijn gemeente door en door kent, maar zich voor het eerst buitengesloten voelt uit het politieke huis dat hij zelf hielp bouwen.
Het begint in 2006 met een advertentie in De Brug: solliciteer als raadslid. Bert belt, uit nieuwsgierigheid. Dat telefoontje leidt tot het begin van een politieke carrière in de afdeling PvdA Hendrik-Ido-Ambacht, samen met Petra Casimiri, Geerten Verbeet en wijlen Jan Willem Hoek. Vier jaar later, in 2010 wordt hij burgerraadslid, in 2014 schuift hij door naar de raad en in 2016 wordt hij fractievoorzitter.

In 2018 als lijsttrekker gekozen
Bert bouwt een reputatie op als gedreven debater, iemand die dossiers doorgrondt en die -zoals collega’s vaak zeiden- “rood als een biet blijft, maar altijd benaderbaar is”. Zijn inzet wordt in bij zijn (gedwongen) afscheid op 31 maart jl. bekroond met een koninklijke onderscheiding. “Dat was bijzonder,” zegt hij. “Je doet het niet daarvoor, maar het raakt je wel.”
Wanneer de landelijke fusie tussen PvdA en GroenLinks in beeld komt, lijkt verbreding op lokaal niveau logisch. Maar volgens Bert begint het proces niet lokaal, maar vanuit het bestuur van GroenLinks Drechtsteden. Dat bestuur neemt het initiatief, omdat er in Ambacht geen actieve GroenLinks leden zijn. “De bestuursleden kwamen kennismaken, voelde niet direct als kennismaken,” zegt Bert. “Het voelde alsof er al een richting was bepaald.” Volgens hem werd er nooit gevraagd: Hoe werkt het hier in Ambacht? Wat hebben jullie nodig? In plaats daarvan werd het proces ingestoken vanuit een regionale logica: één progressieve lijst, één koers, één nieuwe start. “Het was meteen: zo gaan we het doen. Alles nieuw. Niet kijken naar wat er was.”

De invloed van het Drechtstedelijk bestuur van GroenLinks wordt volgens Bert vooral zichtbaar in de samenstelling van de kandidatencommissie. Die bestaat uit twee PvdA‑leden en twee GroenLinks‑leden, waarvan één afkomstig uit de Drechtstedelijke structuur. “Ze vroegen zelfs namens welke partij je fractievoorzitter wilde worden,” zegt hij. “Dat was vreemd, want we hadden afgesproken dat die uit PvdA‑gelederen zou komen.” De commissie voert gesprekken, beoordeelt motivatiebrieven en bepaalt de lijstvolgorde. Volgens Bert pakt dat proces sterk in het voordeel van GroenLinks uit.
Maar het echte kantelpunt komt tijdens een cruciale fractievergadering na de verkiezingen. Daar blijkt ineens iemand aanwezig te zijn die niet op de kandidatenlijst stond. Er kwam ook iemand die deel uit maakte van de kandidatencommissie maar absoluut geen tijd zou hebben voor een functie als raads- dan wel burgerraadslid. “Ik wist in ieder geval van niets,” zegt Bert. “Maar zij waren wel gebeld. En ze staken hun vinger op voor functies, waar ze nooit eerder over hadden gesproken.”
Voor Bert voelt het dan alsof de verhoudingen in één klap verschuiven. “Het was duidelijk dat er al keuzes waren gemaakt. De vergadering moest alleen nog bevestigen wat elders al was besloten. Alsof de commissie vooral moest bevestigen wat het bestuur van GroenLinks Drechtsteden al wilde.”

Bert, jarenlang lijsttrekker en fractievoorzitter, werd op plek vier gezet. “Het enige wat ze zeiden was: ‘kwaliteit’. Dat is nogal wat, na twintig jaar raadswerk: ik zou te weinig kwaliteit hebben. Maar onder kwaliteit valt niet alleen dossierkennis, maar ook een goed netwerk hebben en goede relaties met collega’s. Plek vier zou minstens een functie als burgerraadslid opleveren.”
Maar het wordt nog pijnlijker. Hij wordt niet eens benoemd als burgerraadslid. “Ze belde alleen om de keuzes door te geven. Geen gesprek, geen uitleg.” Volgens Bert is het geen incident, maar een patroon. “Het voelde als een machtsovername. De hele PvdA‑fractie, waaronder ook de lijsttrekker in de campagne, voelde dat ook. Daarom zijn ze allemaal weggegaan.”

De vroegere PvdA-fractie, waarvan alle leden nu zijn weggegaan
Een aantal maanden vóór deze politieke storm krijgt Bert in september 2025 een ICD vanwege een erfelijke hartziekte. Op 7 januari 2026 gaat het mis. “Ik voelde me niet lekker. Op de wc ging de ICD af. Een klap alsof een paard tegen je borst trapt. Toen kreeg ik er nog één. En nog één.” Zijn vrouw belt 112 terwijl hij roept: “Het moet stoppen!” In het ziekenhuis krijgt hij zware medicatie. Later hoort hij: zonder ICD was hij er niet meer geweest. De revalidatie is zwaar. “Ik durfde niet eens een stukje buiten te lopen. Mijn dochters kwamen me ophalen om te wandelen.”
En dan komt de vraag, die hem blijft achtervolgen: heeft zijn ziekte meegespeeld in de politieke keuzes? “Ik stond nauwelijks op campagnefoto’s. Met de oude fractie had ik in deze periode wel contact.”
-L.jpg)
Wanneer duidelijk wordt dat hij geen rol meer krijgt, beseft Bert dat zijn politieke hoofdstuk is afgesloten. “Pijnlijk. Je bouwt iets op met een lokale groep, vanuit een landelijke partij. Politiek was mijn hobby. Dat valt nu weg.” Toch zijn er momenten die hij koestert. Hij denkt dan aan de nachtelijke vergadering in Cascade (tijdens de coronaperiode) waarin hij steun wist te krijgen voor de fietsenstalling. En aan: de perioden in de Drechtraad of de reizen naar Bergen‑Belsen in het kader van de jumelage. Met name noemt Bert ook de 4 en 5 mei‑herdenkingen. “Dat deed me veel. Dat blijf ik koesteren. “De 4 en 5 mei herdenkingen zijn wel geen onderdeel van het raadswerk, ik blijf hier als vicevoorzitter wel bij betrokken”.

Bert voert namens het 4/5 mei comité het woord bij een herdenkingsbijeenkomst bij de oude begraafplaats
Wat hij het meest gaat missen? “Het debat. De emotie. Het moment dat je iets zegt en je ziet dat iemand even anders gaat denken.” Wat hij absoluut niet gaat missen? “De langdradige vergaderavonden, die nergens toe leiden.”
Politicus op linksvoor: nu zonder zetel, maar met mooie herinneren
Over zijn toekomst is Bert helder: hij blijft betrokken, maar niet bij de nieuwe fractie van PRO. “Ze zeiden: je mag de fractie blijven volgen. Ik zei: wat denk je zelf?” Hij kijkt nog één keer naar zijn oude plek in de raadzaal. “Linksvoor. Daar heb ik altijd gezeten. Nooit van plek veranderd. Dat deed wel wat met me.”

Bert zat 'linksvoor' in de raadszaal: "Nooit van plek veranderd"
Hij mist de arena, maar niet de manier waarop hij eruit werd geduwd. “Het is jammer dat het zo moest eindigen. Maar ik weet wat ik heb betekend. En dat pakt niemand me af.”

Geridderde Bert met bloemen en familie